Het worstelen is een krachtsport waarbij niet geslagen of getrapt mag worden. Er bestaan in het worstelen drie stijlen, de Grieks-Romeinse, sambo en de vrije stijl. Bij de Grieks-Romeinse stijl mag alleen het bovenlichaam bewerkt worden, d.w.z. de armen, de romp en het hoofd. Bij de vrije stijl mogen ook de benen gebruikt worden. Het samboworstelen is een mix van judo en worstelen en is vooral in de Sowjet-Unie erg populair.
Worstelen is gebaseerd op techniek, kracht en de zogenaamde matconditie. De techniek komt vooral tot uiting bij de grepen en worpen. De grepen zijn streng gereguleerd. Armklemmen, beenklemmen en verwurgingen, die bij het judo toegepast mogen worden zijn bij het worstelen verboden. Alle grepen, die tegen het gewricht ingaan en dus tot blessures kunnen leiden worden door de scheidsrechter bestraft met een waarschuwing en bij herhaling met uitsluiting.
Naast techniektraining doen worstelaars intensief aan krachttraining. Snelkracht is een absolute vereiste bij de grepen en worpen. Deze krachtvariant kan echter alleen goed getraind worden als ook de algemene kracht voldoende is.


